Onderzoeken van het Deltaprogramma Rijn

Deltaprogramma Rijn voert onderzoeken uit naar specifieke delen van de Rijntakken om beter in de vingers te krijgen welke oplossingen goed werken. Veel onderzoeken staan op dit moment in het teken van de actualisatie van de voorkeursstrategie. Een overzicht van alle onderzoeken is te vinden in de kennisagenda.

Splitsingspuntengebied

Rivierverruimende maatregelen in het splitsingspuntengebied van Rijn, Waal en IJssel kunnen ook bijdragen aan andere opgaven in het gebied, zoals voor natuur, recreatie en energiewinning. Provincie Gelderland brengt de kansen voor maatschappelijke meerwaarde en de effecten in beeld met de studie ‘Effecten en mogelijkheden van rivierverruimende maatregelen in het splitsingspuntengebied van Rijn-Waal-IJssel’.

Daarnaast zijn de afgelopen anderhalf jaar door het projectteam splitsingspuntengebied (als één van de riviertakken van de Rijn) de mogelijke maatregelen in dat gebied in beeld gebracht. In een rivierkundige studie vanuit het ministerie van IenW en Rijkswaterstaat zijn de effecten van die maatregelen onderzocht. De studie laat zien hoe ingrepen in het splitsingspuntengebied de afvoerverdeling en daarmee waterstanden bij verschillende afvoeren kunnen beïnvloeden. Deze studie voedt de afwegingen rond de uitwerkingen van maatregelen in de Rijntakken , zodat er een overall-pakket ontstaat dat de beleidsmatige afvoerverdeling in stand houdt en qua verdere effecten acceptabel is.

De resultaten zijn vastgelegd in het samenvattende rapport Rivierkundige studie splitsingspuntengebied. De achterliggende onderzoeksrapporten zijn te verkrijgen via Bert Voortman.

IJsselkop

In het Bestuurlijk overleg MIRT van december 2017 is besloten om een MIRT-onderzoek te starten waarin de mogelijkheden voor realisatie en financiering van rivier verruimende maatregelen in Meinerswijk-Stadsblokken en de Huissensche Waarden verder in beeld worden gebracht. Hiermee wordt meer duidelijkheid  verkregen over haalbaarheid en kosten van een integraal maatregelenpakket voor het gebied rond de IJsselkop.

Dit komt voort uit eerder onderzoek waarbij is gebleken dat indien er rivierverruimende maatregelen worden uitgevoerd in het plangebied van RKP IJsselpoort, er (mogelijk ook) rivierverruimende maatregelen nodig zijn langs de Neder-Rijn en/of het Pannerdensch kanaal, om de afvoerverdeling IJssel - Neder-Rijn bij maatgevende omstandigheden gelijk te houden. In het onderzoek worden opgaven in het gebied in de volle breedte onderzocht, het geeft een meer gedetailleerd beeld van de verschillende maatregelen met het oog op kosten en risico's.

Het onderzoek is gericht op de mogelijkheden voor het naar voren halen van besluiten en het bepalen welke besluiten wanneer nodig zijn om kansen voor koppelingen niet te missen. Afronding is voorzien voor oktober 2018.

Rijnstrangen

Het Rijnstrangengebied is sinds 2005 gereserveerd als mogelijk retentiegebied voor de lange termijn. De provincie Gelderland heeft samen met de andere overheden onderzocht wat de reservering betekent voor de ruimtelijk ontwikkeling van dit gebied. Uit het onderzoeksrapport blijkt dat de reservering daar geen beletsel voor hoeft te zijn. Ontwikkelingen die in het bestemmingsplan passen, zijn in ieder geval toegestaan: nieuwe natuur en infrastructuur, uitbreiding van agrarische bedrijven, verbouw of nieuwbouw van woningen en een vakantiepark. Initiatiefnemers van nieuwe ontwikkelingen doen er wel goed aan vroegtijdig het gesprek aan te gaan met de gemeente.

Daarnaast is vanuit het ministerie van IenW en Rijkswaterstaat een studie uitgevoerd naar de effectiviteit van het retentiegebied Rijnstrangen. Aanleiding voor het onderzoek is geweest de nieuwe veiligheidsnormering, en de gedachte dat deze een nieuw licht zou werpen op de effectiviteit van de inzet van een retentiegebied als Rijnstrangen. In het onderzoek is verkend wat een effectief inzetscenario kan zijn van het retentiegebied, waarbij kosten en baten van verschillende opties zijn uitgewerkt. Het laat zien dat inzet van Rijnstrangen vanuit de nieuwe normering effectief kan zijn als deze wordt gestuurd op basis van afvoervoorspellingen, met een stuurbare inlaat. Het onderzoek voedt de afwegingen rond de uitwerkingen van de Voorkeursstrategie.

Het resultaat is vastgelegd in het eindrapport Effectiviteit Rijnstrangen.

Verdiepend onderzoek rivierverruiming

De voorkeursstrategie voor de Rijn bestaat uit een combinatie van dijkversterkingen en rivierverruiming. Als de rivier meer ruimte krijgt, daalt de waterstand vaak over een lang traject, ook bovenstrooms van de rivierverruiming. Dat kan besparingen opleveren op de benodigde dijkversterkingen. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft onderzochthoe groot deze besparingen zijn.

Uit de studie ‘Toepassing Methodiek Kostenreductie Dijkversterking door Rivierverruiming op Rijntakken’ blijkt dat de kostenbesparing per riviertak verschilt: rivierverruimende maatregelen leveren langs de IJssel meer kostenbesparingen op dan langs de Waal. De studie krijgt een vervolg door de kostenbesparingen per dijktraject in beeld te brengen. De resultaten, die in het najaar van 2016 beschikbaar zijn gekomen, zijn van belang voor de actualisatie van de voorkeursstrategie.

Werkendam/Merwedes

In de voorkeursstrategie is een dijkverlegging bij Werkendam opgenomen. Voor deze maatregel was echter weinig draagvlak. Nader onderzoek heeft een alternatief opgeleverd dat minder impact op de omgeving heeft en veel goedkoper is dan dijkverlegging: nevengeulen in de uiterwaarden van Werkendam en bij Sleeuwijk en Avelingen en het doorstroombaar maken van de Beatrixhaven. Een definitief besluit over het alternatief volgt later, als onderdeel van de actualisatie van de voorkeursstrategie.

Langsdammen

Rijkswaterstaat onderzoekt welke trajecten in de Waal en IJssel geschikt zijn voor de aanleg van langsdammen. Door in de rivier langsdammen aan te leggen, evenwijdig aan de oever, neemt de verdroging af. Ook worden grondwaterstanden langs de rivier hoger, wat goed is voor de stabiliteit van de waterkeringen. Daarnaast zijn langsdammen gunstig voor de bevaarbaarheid. Rijkswaterstaat voert in de periode 2015-2021 een praktijkproef met langsdammen uit.