Waddengebied

De Waddenzee is in zijn geheel, van Den Helder tot Esbjerg, opgenomen op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Het is een van de belangrijkste wetlands van de wereld en heeft unieke natuurwaarden. Het gebied is ook voor de veiligheid van groot belang. De buitendelta’s, de Waddeneilanden, de wadplaten en de kwelders beschermen samen de kust van Noord-Nederland.

Inzet van de voorkeursstrategie Waddengebied voor de waterveiligheid is dat de belangrijke waarden van het Waddengebied behouden blijven met zo natuurlijk mogelijke maatregelen. De komende jaren ligt het accent op de uitwerking en zoekt de regio kansen voor een integrale aanpak van maatregelen. De deltabeslissingen en de beslissing Zand vormen daarbij het kader.

Luchtfoto van Schiermonnikoog

Opgave

Het uitgestrekte intergetijdengebied in de ondiepe Waddenzee (wadplaten, kwelders en geulen) vormt een buffer tegen hoge golven van de Noordzee. Zonder deze  buffer zouden de waterkeringen langs de vaste wal en op de eilanden sterker en hoger moeten zijn. Het intergetijdengebied van de Waddenzee heeft zand nodig om zich aan te passen aan de stijgende zeespiegel. Als de zeespiegel sneller stijgt is méér zand nodig en kan er een situatie ontstaan dat het intergetijdengebied de stijging niet meer kan bijhouden, waardoor de bufferende werking afneemt .

Daarnaast biedt ongeveer honderd kilometer waterkeringen langs de vaste wal van de Waddenzee en op de eilanden niet het wettelijke beschermingsniveau. Een deel van de waterkeringen moet bovendien beter beschermd worden vanwege de rol die met name Groningen heeft in de gaswinning en het (inter)nationale gastransport. Ten slotte is het aardbevingsbestendig maken van de dijken in Groningen van belang.

Voorkeursstrategie met drie uitwerkingen

Voor het Waddengebied is een voorkeursstrategie opgesteld met drie uitwerkingen.

1. Zand

De voorkeursstrategie zet in op het behoud van de bufferende werking van de eilanden, de buitendelta’s en het intergetijdengebied tegen Noordzee-golfaanvallen. In de eerste plaats door het voortzetten van zandsuppleties op de kusten van de eilanden. Daarmee blijft er voldoende zand in het zandige systeem (het kustfundament) aanwezig. Daarnaast door het ontwikkelen van meer systeemkennis van het zandige systeem.

Met de huidige zeespiegelscenario’s lijkt het erop dat tot 2100 geen maatregelen in de Waddenzee zelf en in het Eems-Dollard en zijn monding nodig zijn voor de waterveiligheid. Het systeem kan zich aanpassen aan de bodemdaling en stijgende zeespiegel. Voor de natuurwaarden is ingrijpen ook niet wenselijk. Vooralsnog volstaat het zand te blijven suppleren aan de Noordzeekant van de Waddeneilanden (op het kustfundament) en op de buitendelta’s. Met pilots, zoals de pilot Zandsuppletie op de Buitendelta van het Amelander Zeegat (zie Deltaprogramma Kust) wordt onderzocht of het zand daarmee tijdig op natuurlijke wijze naar de platen en kwelders van de Waddenzee stroomt (‘lerend werken’). Dit gebeurt binnen het onderzoeksprogramma Kustgenese 2.0 van Rijkswaterstaat, dat inzicht geeft in de werking en toekomstige veranderingen van het zandige systeem.

Het reguliere kustonderhoud met zandsuppleties verloopt volgens planning. In 2017 is de geulwandsuppletie bij Ameland uitgevoerd. Een vergelijkbare suppletie bij Vlieland is in 2019 afgerond. Hoe effectief deze zijn, wordt met monitoring in de gaten gehouden. 

2. Dijken

Voor dijkversterkingen voorziet de voorkeursstrategie in een gebiedsgerichte en integrale aanpak. Die komt tot stand door aanpassingen aan de waterkeringen aan te laten sluiten bij gebiedsontwikkelingen en hierdoor meerwaarde te creëren voor functies als natuur, recreatie en regionale economie.

Innovatieve dijkconcepten

Een meerwaarde creëren voor de functies als natuur, recreatie en regionale economie kan langs de vaste wal met innovatieve dijkconcepten. Denk aan brede groene dijken, multifunctionele dijken en overslagbestendige dijken. De drie waterschappen Wetterskip Fryslân, Noorderzijlvest en Hunze en Aa’s onderzochten deze vernieuwende waterkeringsconcepten via pilots binnen de Projectoverstijgende Verkenning (POV) Waddenzeedijken. De resultaten zijn te lezen op pov-waddenzeedijken.nl.

Waterschap Noorderzijlvest past in het dijkverbeteringstraject Eemshaven-Delfzijl al innovatieve dijkconcepten toe. De dijkversterkingen uit het Hoogwaterbeschermingsprogramma liggen op schema. De dijkversterking Eemshaven-Delfzijl is in 2019 afgerond. Voor de versterking van de dijk op Vlieland worden mogelijke oplossingen uitgedacht.

3. Waddeneilanden

De voorkeurstrategie omvat voor alle Waddeneilanden in beginsel dezelfde bouwstenen: suppletiestrategie, dynamisch kustbeheer, kwelderontwikkeling, innovatieve dijkconcepten, meegroeien door middel van herverdeling van zand, buitendijkse bewoning, buitendijkse infrastructuur, crisisbeheersing en zoetwatervoorziening. Deze aspecten hebben onderlinge relaties. Een integrale benadering van de waterveiligheid ligt dus voor de hand, maar pakt op elk van de eilanden anders uit omdat de samenhang tussen de bouwstenen op elk van de eilanden anders kan zijn.

Ruimtelijke adaptatie 

Het Deltaprogramma Waddengebied omvat alleen de kustgemeenten langs de vaste wal van de Waddenzee en de Waddeneilandgemeenten. Ruimtelijke adaptatie in het Waddengebied heeft betrekking op een groter grondgebied (provincie Friesland, provincie Groningen en deel van Noord-Drenthe). Daarom wordt ruimtelijke adaptatie ook voor het Waddengebied (alle gemeenten) opgepakt door het gebiedsoverleg RBO Rijn Noord/Nedereems. Zie voor de aanpak van ruimtelijke adaptatie in het Waddengebied elders op deze site.

Vanuit het Fries Bestuursakkoord Waterketen (FBWK) 2016-2020 werken alle Friese gemeenten, Provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân aan het onderwerp ruimtelijke adaptatie als regionale uitwerking van het Deltaprogramma en Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA). Het gezamenlijke project ‘Klimaatstresstest Fryslân’ is uitgevoerd (www.frieseklimaatatlas.nl). Hierbij is gekeken naar de risico’s van klimaatverandering voor de thema’s wateroverlast, hittestress, droogte en overstroming. De resultaten van deze klimaatstresstest worden ingebracht in het proces van de Omgevingsvisie.

De stresstesten in het beheergebied van waterschap Noorderzijlvest zijn ook klaar. In het beheergebied van waterschap Hunze en Aa’s zijn in 2018 drie pilots voor stresstesten uitgevoerd. De leermomenten van deze pilots worden meegenomen in de in 2020 op te leveren stresstesten.

Mogelijke aanpassing voorkeursstrategie

De mogelijk versnelde zeespiegelstijging kan invloed hebben op de voorkeursstrategie. Op dit moment worden nog geen aanpassingen overwogen.

Vooralsnog is het mogelijk de dijken verder te versterken of te verhogen en met zandsuppleties een voldoende volume zand in het kustfundament te borgen.  Daarmee kan de Waddenzee  de komende decennia blijven meegroeien met de zeespiegelstijging en de bodemdaling. Uit recent onderzoek blijkt dat de belangrijkste vraag is wanneer en hoe snel de zeespiegel gaat stijgen. Dat hangt onder meer af van de manier waarop het klimaat zich ontwikkelt. Zie ook Kennisprogramma zeespiegelstijging. Waarschijnlijk gaan de erosie- en sedimentatieprocessen in de Waddenzee veranderen.  Meer duidelijkheid over de zeespiegelstijging volgt in de komende jaren, als de bevindingen van het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) en KNMI beschikbaar komen en er sprake is van geconsolideerde nieuwe kennis en inzichten.

Deltaprogramma 2020

Lees over de voortgang in het Waddengebied in Deltaprogramma 2020.