Zoetwater

Voldoende zoetwater is cruciaal voor de stabiliteit van dijken en stedelijke bebouwing en de drinkwater- en elektriciteitsvoorziening. Waterafhankelijke sectoren, zoals landbouw, scheepvaart en veel industrieën, zijn voor hun productie afhankelijk van zoetwater. Deze sectoren vertegenwoordigen een waarde van ruim € 193 miljard (directe productie) en hebben een aandeel van ongeveer 16% in de nationale economie. Ook waterrijke natuur, het leefmilieu in de stad en de volksgezondheid zijn afhankelijk van voldoende zoetwater. 

Het aanbod van zoetwater is echter niet altijd toereikend voor de vraag. De deltascenario’s laten zien dat in de toekomst vaker watertekorten kunnen optreden door klimaatverandering, verzilting en sociaaleconomische ontwikkelingen. Met de deltabeslissing Zoetwater is de basis gelegd om de zoetwateropgave gezamenlijk op te pakken. Kern daarvan is de inzicht geven in de waterbeschikbaarheid dat de risico’s op zoetwatertekorten transparant maakt. Ook vinden stapsgewijze investeringen plaats om de aanvoer van zoetwater robuuster te maken en het gebruik zuiniger. De maatregelen staan in het Deltaplan Zoetwater.

droge grond en plassen

Samen verantwoordelijk

Watertekorten voorkomen lukt alleen als alle overheden en gebruikers van zoetwater zich samen inspannen. Rijkswaterstaat en de waterschappen kunnen de aanvoerroutes van zoetwater verbeteren en voorraden opbouwen. Grote watergebruikers, zoals bedrijven die veel water gebruiken, land- en tuinbouwers en natuurbeheerders, kunnen zich richten op waterbesparing. Alleen als al deze partijen zich inspannen, blijft Nederland ook op lange termijn op een betaalbare manier over genoeg zoetwater beschikken.

(Een man baant zich een weg door een veld met hoge maisplanten. Hij kijkt ergens aandachtig naar. Rik Lagendijk:)

RUSTIGE MUZIEK

RIK LAGENDIJK: Hier in Diessen hebben we om het jaar te maken met ernstige droogte.
Daar lijden onze teelten onder.
En als we nu niet ingrijpen, dan wordt het alleen maar erger.
Dat zou jammer zijn voor de bedrijven hier in de omgeving maar ook voor het landschap.

(Lagendijk bekijkt stukken mais terwijl hij in het veld vol met hoge planten staat. Een container aan een kraan schuift naar een binnenvaartschip. Laurens Minderhoed:)

DE RUSTIGE MUZIEK SPEELT VERDER

LAURENS MINDERHOED: Het belangrijkste van de binnenvaart is dat de goederen op tijd zijn.
Dat is de kracht van de binnenvaart, het op tijd leveren van de goederen.
Dertig procent van al het vervoer gaat over het water.
En het is heel belangrijk dat wij gewoon zo veel mogelijk kunnen varen.

(Een schip vol containers.)

Vanwege de lage waterstanden is het vaak dat wij de goederen niet op tijd kunnen leveren terwijl dat de kracht van de binnenvaart is.

(Beeldtitel: Deltabeslissing Zoetwater. Nieuw beleid, gezamenlijke aanpak. Voice-over:)

LEVENDIGE MUZIEK

VOICE-OVER: We hebben in Nederland niet altijd genoeg water van de juiste kwaliteit, op het juiste moment, op de juiste plaats.
En in de toekomst worden de tekorten erger. We vragen namelijk steeds meer water.

(In een haven vaart onder andere een zeilschip.)

DE LEVENDIGE MUZIEK SPEELT VERDER

De vraag van landbouw, natuur, drinkwater en industrie verandert en neemt toe.
Bovendien verandert het klimaat. Er komt meer droogte.
We moeten dus nu iets doen als we ook straks genoeg zoetwater willen hebben.
KOEN ZUURBIER: Hier in Zeeland hebben we met succes een proef gedaan, de Freshmaker.
Hierbij slaan we in natte perioden zoetwater op onder de grond en in droge perioden kunnen tuinders dat gebruiken voor de bevloeiing.
En dat is eigenlijk een mooi voorbeeld van een oplossing die gestimuleerd is door de overheid.

(Aldus Koen Zuurbier. Een tractor rijdt langs een kudde koeien.)

VREDIGE MUZIEK

VOICE-OVER: Zoetwater is belangrijk voor de natuur, de economie en de leefbaarheid in de stad.
Daarom moeten de gebruikers van het water en overheden goede afspraken maken met elkaar.

(Een binnenvaartschip vaart door een sluis.)

Het zoetwaterbeleid is zo belangrijk dat het onderdeel is van het nationale Deltaprogramma onder regie van de Deltacommissaris.

(Bij een rivier staat een man met een gele helm. Theo van de Gazelle:)

DE LEVENDIGE MUZIEK SPEELT VERDER

THEO VAN DE GAZELLE: In de deltabeslissing is een voorkeurstrategie opgenomen om ons zoetwatersysteem meer flexibel en meer robuust te maken.
En Rijk, regio en de gebruikers zijn samen verantwoordelijk voor voldoende water in ons land.
En daarom gaan we afspraken maken over het voorzieningenniveau en vervolgens maatregelen treffen aan onze watersystemen.
Bijvoorbeeld een meer flexibel peil in het IJsselmeer en meer wateraanvoer uit de Roode Vaart.

(Beeldtekst: 5 doelen zoetwaterbeleid. -Gezond en evenwichtig watersysteem. -Bescherming van cruciale functies. -Effectief en zuinig gebruik. -Bevorderen concurrentiepositie Nederland. -Ontwikkeling van kennis en innovatie.)

DE LEVENDIGE MUZIEK SPEELT VERDER

VOICE-OVER: Het bestaande hoofdwatersysteem houden we als buffer en aanvoerroute voor zoetwater.
We benutten de bufferfunctie van het IJsselmeer beter.
En we laten West-Nederland en het land in de Zuidwestelijke Delta niet verzilten.

(Een man loopt door een veld met gewassen.)

De keuzes in het regionale systeem variëren per regio.
Op de hoge zandgronden en de Zuidwestelijke Delta investeren we in zelfvoorziening en innovatie.
De focus ligt op het vergroten en beter benutten van de grondwatervoorraad.
In laag Nederland blijven we investeren in wateraanvoer, ook in droge tijden.
Voor de lange termijn onderzoeken we de mogelijkheden om meer water aan te voeren via de IJssel.
VAN DE GAZELLE: Als de klimaatontwikkeling daarom vraagt gaan we ervoor zorgen dat voor de periode na 2050 extra maatregelen genomen kunnen worden.
En daarmee handelen we als adaptieve waterbeheerders.
AAD STRAATHOF: Er is een mooi samenspel tussen de mensen in de regio waar we hier zijn tussen de waterbeheerder en tussen het Rijk.
De waterbeheerder werkt eraan om het water zo lang mogelijk op de juiste plek te krijgen en het Rijk, dat het feitelijke water aan kan bieden is bereid om slimme installaties te bouwen op plekken zodat het in een tekorttijd naar ons toe kan komen.
ENGELBERT KNIBBE: Als gebruiker denk ik dat het heel goed is om goede en duidelijke afspraken te maken over de risico's die er zijn met betrekking tot een tekort aan zoetwater.

(Boven een stuw schijnt de zon.)

VOICE-OVER: Per regio inventariseren we met alle betrokkenen hoeveel water er is van welke kwaliteit en welk risico er is op een tekort aan water.
Dan maken we afspraken voor een doelmatig en duurzaam gebruik van zoetwater in de toekomst.
Regelmatig evalueren we en bekijken we of er een aanpassing van de maatregelen nodig is op basis van klimaatverandering en veranderingen in het gebruik.
En natuurlijk houden we alle betrokkenen steeds op de hoogte.
Dus u hoort nog van ons.

(Op een witte achtergrond verschijnt een gloeilamp, waarvan de onderste helft blauw gekleurd is, met daaronder de tekst: Deltaprogramma Zoetwater. Het geheel maakt plaats voor het logo van Misteli Communicatie.)

DE LEVENDIGE MUZIEK EBT WEG

Deltaplan Zoetwater

In het Deltaplan Zoetwater staan alle maatregelen en onderzoeken voor de beschikbaarheid van Zoetwater in Nederland, die onderdeel zijn van het Deltaprogramma. Hierin staan ook afspraken over de financiële bijdragen van Rijk en regio. Het Deltaplan Zoetwater bevat een concrete lijst van maatregelen voor de periode 2015-2021 en een vooruitblik naar de periode 2022-2028. De maatregelen worden helemaal of gedeeltelijk betaald uit het Deltafonds.

Afspraken over verantwoordelijkheden, kostenverdeling, financieel arrangementen en de planning zijn in bestuursovereenkomsten per regio vastgelegd. Iedere zoetwaterregio volgt zijn eigen adaptatiepad, oftewel: doet stapsgewijs wat nodig is. De zoetwaterregio’s zijn IJsselmeergebied, Hoge Zandgronden Oost, Hoge Zandgronden Zuid, Rivierengebied, West-Nederland en de Zuidwestelijke Delta. Ook in het hoofdwatersysteem worden maatregelen genomen.

Lees over de voortgang van het thema Zoetwater in het Deltaprogramma 2018. Een overzicht van de geprogrammeerde onderzoeken en projecten is te vinden in Deel III, Deltaplan Zoetwater.

Waterbeschikbaarheid

Waterbeschikbaarheid geeft inzicht in het risico op zoetwatertekorten in een gebied, zowel in normale als in droge situaties. De regionale afspraken maken duidelijk wat de verantwoordelijkheden en inspanningen van de overheid zijn en wat de verantwoordelijkheden en restrisico’s zijn voor de gebruiker. Het gaat hierbij om oppervlakte- en grondwater en – indien van toepassing – om waterkwantiteit en waterkwaliteit. Hiermee krijgen de gebruikers inzicht in de kans op watertekorten. Gebruikers kunnen zich daarop voorbereiden, bijvoorbeeld door innovaties in het bedrijf in te voeren. Overheden en gebruikers doorlopen samen drie stappen om tot inzicht in de waterbeschikbaarheid te komen: 1) inzicht geven in de kans op watertekorten, nu en in de toekomst, 2) dialoog tussen overheden en gebruikers over deze informatie en 3) de inspanningen zo nodig optimaliseren en afspraken vastleggen. De ambitie is dat in 2018 voor alle gebieden een eerste inzicht in de waterbeschikbaarheid bestaat en dat het beeld in 2021 volledig is.

Inzicht in de waterbeschikbaarheid komt de komende jaren tot stand. De uitwerking in de regio’s gebeurt door de provincies, in samenwerking met de waterbeheerders en de gebruikers. Het Rijk staat aan de lat voor de uitwerking van de waterbeschikbaarheid van het hoofdwatersysteem. In 2015 en 2016 zijn de eerste pilots in uitvoering gegaan.

(Een animatie. De omtrek van een druppel wordt gevuld met water. Voice-over:)

VREDIGE MUZIEK

VOICE-OVER: Nederland is een echt waterland.
Met een uitgebreid hoofdwatersysteem, een uitgekiend regionaal watersysteem en een waar mogelijk gecontroleerd grondwatersysteem.
Zoetwater is belangrijk voor onze leefbaarheid en economie.
Toch is het niet vanzelfsprekend dat er overal altijd voldoende zoetwater van de juiste kwaliteit is.

(Een druppel met een vraagteken erin.)

Door sociaal-economische factoren en klimaatverandering kunnen vraag en aanbod uit balans raken.
We kunnen een waterdruppel namelijk maar één keer verdelen onder de watervragers.
Waterbeheer.
Industrie.
Landbouw.
Drinkwater.
Energie.
Scheepvaart.
Natuur.
En recreatie.
Met een juist beeld van de beschikbaarheid van zoetwater kunnen we een goede verdeling realiseren.
De waterbeschikbaarheid geeft inzicht in de kwantiteit en kwaliteit van zoetwater. Nu en in de toekomst.
Gebruikers en overheden kunnen daarmee tijdig inspelen op veranderingen en de juiste beslissingen nemen.
Zo voorkomen we dat er een tekort ontstaat en zorgen we samen dat er voldoende water beschikbaar is.
Helder.
Maar hoe is dit te realiseren?
We starten de dialoog op met alle partijen.
Door informatie te verzamelen en te delen ontstaan nieuwe inzichten, vergroot het zoetwaterbewustzijn en kunnen we onderbouwde afspraken maken over maatregelen en slim watergebruik.
Zo verbetert de duurzaamheid en doelmatigheid.

(Beeldtekst: Waterbeschikbaarheid. Altijd op peil.)

Kennis en strategie

In 2021 is een gefundeerd besluit nodig over het Deltaplan Zoetwater in de volgende fase. Dat vraagt  gedegen kennis. Er is een gezamenlijke kennisagenda Zoetwater opgesteld om maatregelen te onderzoeken en methodische vraagstukken uit te werken. De resultaten van onderzoeken, de update van klimaatscenario’s én inzichten in de uitvoering van maatregelen krijgen een vertaling in de zoetwaterstrategie en de adaptatiepaden. In 2015 en 2016 heeft het Deltaprogramma de Kennisagenda Zoetwater  geconcretiseerd. In de Kennisagenda is een eerste aanzet gegeven voor onderwerpen en kennisvragen die de komende jaren van belang zijn voor de uitvoering van de Deltabeslissing Zoetwater.

 

Gemaal De Aanvoerder

Stap voor stap verbeteren

Nederland heeft in de afgelopen eeuwen een stevig fundament voor de zoetwatervoorziening opgebouwd. Ons land heeft grote zoetwatervoorraden in Haringvliet/Hollandsch Diep/Biesbosch en in het IJsselmeergebied. Met stuwen in de Nederrijn kunnen we sturen hoe het Rijnwater zich verdeelt over Waal, Nederrijn en Lek en IJssel, terwijl de stuwen in de Maas ervoor zorgen dat er voldoende water in de rivier staat. Dit fundament blijft de basis van onze zoetwatervoorziening. Op korte termijn blijft de waterbeschikbaarheid op orde met beperkte investeringen in de watersystemen en bij de watergebruikers. De overheden onderzoeken hiervoor onder andere de volgende maatregelen:

  • een grotere zoetwaterbuffer in het IJsselmeergebied voor zoetwateraanvoer naar het gebied boven de lijn Amsterdam-Amersfoort-Zwolle (peilbesluit in 2017 verwacht);

  • uitbreiding van de bestaande noodvoorzieningen voor zoetwateraanvoer naar West-Nederland, de Klimaatbestendige Zoetwater Aanvoer (realisatie uiterlijk in 2021);

  • de voorraad in het Brielse Meer stap voor stap robuuster maken voor Rijnmond-Drechtsteden en de Zuidwestelijke Delta (realisatie is voorzien in 2018 en 2019);

  • zorgen dat er meer zoetwater via de Noordervaart naar de Hoge Zandgronden kan stromen (in onderzoek).

Hoeveel investeringen op langere termijn nodig zijn voor de zoetwatervoorziening, hangt ervan af hoe sterk en hoe snel het klimaat verandert. Daarom kiezen we voor een stapsgewijze aanpak. De maatregelen die nu in uitvoering gaan, maken het systeem robuuster.

Internationale samenwerking

De agendering en uitwerking van de internationale aanpak van de zoetwaterproblematiek komt vooral tot stand in de internationale riviercommissies voor Rijn, Maas en Schelde.

Zoetwater, levensader voor de ontwikkeling van Nederland

Bekijk de video 'Zoetwater, levensader voor de ontwikkeling van Nederland' op Youtube.