Gebiedsconferentie in Rijnmond-Drechtsteden

Op 4 juni kwamen zo’n 180 betrokkenen naar de tweejaarlijkse gebiedsconferentie van het Deltaprogramma Rijnmond-Drechtsteden. De deltacommissaris was ook deze keer te gast. De gebiedsconferentie stond in het teken van elkaar informeren over de voortgang van de voorkeursstrategie van Rijnmond-Drechtsteden en het benadrukken van het samenwerken daarbij; partners hebben elkaar nodig bij de uitvoering van de voorkeursstrategie en bij het kijken of het nodig is om de voorkeursstrategie gezien de nieuwste inzichten en ontwikkelingen aan te passen.

Deltacommissaris Wim Kuijken met een microfoon in zijn hand achter een tafel.

De conferentie werd geopend door de heer Aboutaleb, voorzitter van het Gebiedsoverleg Rijnmond-Drechtsteden en burgemeester van Rotterdam. Hij ging in op de transities binnen Rijnmond-Drechtsteden, zoals de energietransitie en het klimaatadaptief maken van de ruimtelijke inrichting, en het belang van samenwerking en nationale regie daarbij. Weerbaarheid en het inbouwen van adaptief vermogen zijn daarbij erg belangrijk. Na een korte film over de voortgang in het gebied lichtte Ina Konterman, programmamanager DP Rijnmond-Drechtsteden, de meest recente ontwikkelingen toe.

Vervolgens gaven drie leden van het Gebiedsoverleg - Ria Boere (wethouder gemeente Krimpenerwaard), Hans Oosters (dijkgraaf Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard) en Rik Janssen (gedeputeerde provincie Zuid-Holland) - aan hoe in deze regio concreet wordt gewerkt aan ruimtelijke adaptie. De bestuurders zetten daarbij Catherine Visser, Mark Elkerbout en Marjolein Pijpers in de spotlights, vanwege hun goede initiatieven op dit gebied.

Na een toelichting van Peter Kuipers Munneke (weerman en glacioloog) op de nieuwste inzichten van de klimaatverandering werden twee innovatieve voorbeelden getoond: een mobiliseerbare kering en een eenvoudig in te zetten draadloze sensor om het waterpeil te meten.

Als slot van het plenaire deel ging Deltacommissaris Wim Kuijken in op een aantal vragen, onder andere over het effect van meer extreme buien en een mogelijk versnelde zeespiegelstijging. “Het halen van het Parijs Akkoord is wezenlijk voor deze regio. Bij maximaal twee graden opwarming van de aarde houdt de huidige waterveiligheidsstrategie stand. Je kunt zeggen dat mitigatie eigenlijk de beste adaptatiemaatregel is”. De deltacommissaris wees op het belang van het inbouwen van meer flexibiliteit bij de maatregelen: “Het ontwerpen van stormvloedkeringen met een levensduur van zo’n 100 jaar is eigenlijk niet meer van deze tijd”. Flexibiliteit helpt om makkelijker bij te kunnen stellen, aldus de deltacommissaris. “Jaarlijks rapporteren we de voortgang binnen het Deltaprogramma en kijken we waar er een tandje bij moet. En elke zes jaar kijken we meer diepgaand of er nationale en regionale signalen zijn om de voorkeursstrategie aan te passen”. Hij gaf de regio nog mee om het huidige enthousiasme en de manier van samenwerking – zowel ambtelijk als bestuurlijk - vast te houden en samen koers te houden.

Na het plenaire deel gingen de deelnemers in workshops met elkaar in gesprek over versnelde zeespiegelstijging, de stresstest en risicodialoog, evacueren, burgerparticipatie en omgevingsvisies.

Ina Konterman, programmamanager Rijnmond-Drechtsteden, keek met veel tevredenheid terug op de gebiedsconferentie. “Het is erg zinvol om elke twee jaar met alle partners binnen het Deltaprogramma bij elkaar te komen en samen stil te staan bij wat is bereikt, maar ook vooruit te kijken naar waar we de komende periode samen aan moeten werken”.